de macfundamentalist

MacFan 63 maart-april 2006

 

 

(c) Albo Helm 2006

Spreken is zilver en columns zijn goud
Dit is niet zomaar een column. Dit is mijn vijftigste. Niet de eerste keer dat ik de magische gouden grens passeer. Maar het is wel de eerste keer dat ik acht jaar lang onafgebroken, met dezelfde frequentie, voor hetzelfde blad stukken schrijf. Hoera voor mezelf, MacFan en Albo Helm.

'Hoe kun je in godsnaam acht jaar lang over een en dezelfde computer schrijven?' zei mevrouw Nouws verbijsterd toen ik aankondigde dat ik niet gestoord mocht worden bij het schrijven van mijn vijftigste MacFan-column.

Daar vergiste ze zich. De iMac die nu voor 1.379 euro te koop staat is een totaal andere iMac dan de iMac die kort na mijn eerste column voor 1.484 euro (2.995 gulden) werd geïntroduceerd. 512 MB RAM (32), 160 GB harde schijf (4 GB), 128 MB VRAM (2 MB), 667 MHz moederbord (66 MHZ) en een 8x dvd/cd-brander (24x cd-romlezer). Wie had dat ooit gedacht. Om maar te zwijgen van de 1,83 GHz Intelprocessor in plaats van de 233 MHz PPC. Om maar te zwijgen van het scherm. Om maar te zwijgen van OS X.

Van de andere kant had ze ook gelijk. De iMac 2006 is nog steeds een iMac die gevoelsmatig een extreme make-over heeft gehad. Liposuctie. Borstverkleining. Botoxbehandeling. Chemical peeling. Melkzuurinjectie. Gebitsrenovatie. Hairweaving. Buiklift. Zonnebankkuur. Hartlongtransplantatie. Dagelijks een uur spinnen. Kortom, van gezellige moeke naar een slank topmodel. Maar nog steeds hetzelfde meegaande karakter en bereidheid je het naar de zin te maken.

En toch lukt het me nog steeds er elke twee maanden een column over te maken. Misschien is dat de verklaring. Vijftig columns in acht jaar is natuurlijk weinig. Als je het mij vraagt zelfs veel te weinig. Ik zou er wekelijks een kunnen maken. Misschien wel dagelijks. Elke twee maanden zit ik te jongleren met onderwerpen en iedere keer weer vraag ik me af of ik niet beter een van de andere tien had kunnen nemen. Want over twee maanden (in computertijd zowat twee jaar) is de actualiteit alweer veranderd. Zo is deze column bijvoorbeeld niet de column die ik oorspronkelijk op 10 januari 2006 om 19.50 begon te schrijven, noch de column die ik toen eigenlijk van plan was op papier te zetten.

Een dwaas kan vaak meer vragen stellen dan tien wijzen kunnen beantwoorden. Nu wil ik mevrouw Nouws geen dwaas - of mezelf uitzonderlijk wijs - noemen, maar ze kreeg me een paar weken geleden wel wanhopig. Op haar vraag hoe ze een plaatje weg kreeg dat het zicht op haar browser op haar iBook wegnam, zei ik dat ze in de titelbalk van het venster moest klikken en om het daarna weg te slepen van de browser. 'Titelbalk?' vroeg ze. 'Venster?' vroeg ze. 'Klikken?' vroeg ze. 'Slepen?' vroeg ze. 'Browser?' vroeg ze.

Nee, mevrouw Nouws is geen dwaas, ze is Windowsgebruiker. Op haar werk tenminste. Daar hanteert men een database met invulvelden en met de tab spring je van veld naar veld. Die computer op haar werk is een werkding.

Dat verklaart in ieder geval haar verbazing over de aanhoudende inspiratie die mijn Mac oplevert. Voor haar is een computer net zo interessant als een strijkijzer en een klopboor.

Afijn, zoals het gezegde zegt, als tien wijzen geen antwoord weten, dan hoef ik me niet ervoor te schamen dat ik het ook niet weet.

Leg maar eens uit waarom in het laatste kwartaal van 2005 eenderde van alle geproduceerde iPods verkocht zijn (14 van de 42 miljoen). Of waarom het mogelijk is een tijdschrift geheel en al aan de iPod te wijden. Er is nooit een WalkmanFan geweest en er zal nooit een ZenFan komen. Of een iRiverFan.

En leg maar eens uit waarom we elf jaar lang zijn geïndoctrineerd met de stelling dat de PowerPC een betere processor was dan de Pentium. Het was een wonder dat een pc het gewoonweg deed! Al moet ik toegeven dat ik af en toe verbijsterd toekeek hoe vensters PATS!!! BOEM!!! openden, programma's VROOAAMM!!! opstartten en interpagina's KLENG!!! BANG!!! meteen verschenen. En terwijl ik het doorprikken van de Megahertz Mythe moeiteloos beheerste, dan nog moest ik toegeven dat het knap was dat die achterhaalde kokende processoren van Intel en het knip- en plakwerk van Windows in ordes van enkele procenten achterbleven. En niet tientallen.

En dat blijkt nu opeens onzin.

Sterker nog, de PowerPC blijkt het kneusje van de klas, alleen geschikt om er het motormanagement van een Porsche mee te regelen, of een spelletjescomputer van Microsoft.

Apple is met mysteriën omgeven.

En daar is het wijze en tegelijk dwaze antwoord. Daarom. Het mysterie. De verrassingen. De irrationele beslissingen, voor het oog en in het echt. De relatief pijnloze transities van processoren en besturingssystemen. De langzame metamorfose van de Mac in een pc zonder een pc te worden.

Bij de introductie van de PowerMac in 1994 voorspelde John Dvorak (MacUser mei 1994) dat we binnenkort allemaal Windows zouden gebruiken. En nu is inderdaad niets wat je ervan weerhoudt Windows op je Mac te draaien. Maar voor die mensen schrijf ik niet.

Op naar de albasten column.