Was je vroeger een
zonderling als je een Mac had, tegenwoordig ben je er
een als je geen iPod hebt. De iPod is
alomtegenwoordig. De witte snoertjes die in een jaszak
verdwijnen zijn niet te negeren. In alle etalages
glimlacht het Applelogo je tegemoet en als je nieuw
gsm-abonnement afsluit krijg je een iPod cadeau. Nog
even en ze staan bij de kassa van de
benzinepomp.
Ik heb er geen. Maar voor je
concludeert dat ik een zonderling ben: ik jog niet, ik
zweet niet in de sportschool op mijn eigen ritme, ik
hou van de geluiden van de stad als ik fiets en die
van de natuur als ik skate en ik reis nog maar
incidenteel met de trein. Daarbij is mijn motoriek is
de laatste jaren wat zompiger geworden, waardoor er
regelmatig serviesgoed sneuvelt en mijn MiniDisc
walkman via de vloer naar de maan gestuiterd is. Oja,
en ik heb een hekel aan hoofdtelefoons. Een iPod is
dus a) niet aan me besteed en zou b) bij mij geen lang
leven hebben.
Het heeft vier jaar geduurd
voor de iPodgekte compleet is geworden en het
muziekdoosje zich in het collectieve bewustzijn heeft
gevreten. De term pod (omhulsel, container) in
de naam iPod hield een belofte in en die is ingelost.
Niet alleen omdat het apparaat allerlei soorten data
kan bevatten, maar vooral omdat er dingen voor en mee
bedacht worden waaraan in 2001 niemand had
gedacht.
Volkswagen gaat bepaalde
modellen uitrusten met een usb-aansluiting voor
mp3-spelers en met name voor de iPod. Deze auto's
hebben dan geen cd-speler meer aan boord, alleen een
radio. De iPod als cd-wisselaar. Het idee is geweldig.
Eindelijk verlost van die eeuwige overal doorheen
ouwehoerende niet-leuke dj's. In plaats daarvan je
complete cd-collectie, die van je zus en de platenbieb
erbij op de shufflestand en je hebt je eigen
radiostation in je auto bij je. Nog een jaar of twee
en een iPod-aansluiting in een Fiat Panda is net zo
gewoon als airco.
Wat me ook bevalt is de
boombox, een draagbare radio waarin je een iPod kunt
schuiven. Alsof je er een cassettebandje in steekt,
maar dan met 300 uur muziek, in plaats van 90 minuten.
Ik zie me in Portugal al zitten, in kamer 301 van
pensaõ Fredemar in Sines, luisterend naar alle
cantates van Bach op mijn iPod in de iJam of iBoom.
Zonder hoofdtelefoon. Of autoreverse.
Onkyo levert een dock om je
iPod aan te sluiten op hun stereo-installaties. Ik
voorzie de problemen al op feestjes. Waar vroeger
iedereen midden in een nummer de muziek afbrak om zijn
eigen bandje of cd'tje te draaien, probeert straks
iedereen zijn eigen iPod in het dock te rammen voor
een 'echt vette, ongelogen, vorige week hield niemand
op met dansen'-playlist. Brrr. (Het kan trouwens nog
erger: voor je het weet sluit iemand zijn iPod aan je
op tv en ben je verplicht alle 25.000 dia's van zijn
laatste vakantie te bekijken.)
Dit soort docks is een
overduidelijk symptoom van gekte: tenzij je je nummers
op zeer hoge kwaliteit (320 Kb AAC, AIFF of WAV)
bewaart, is het vreemd om een high-end installatie te
kopen om er gecomprimeerde muziek op af te spelen. Wil
je het nog gekker: PsiberAudio biedt voor 1.800 dollar
een buizenversterker voor de iPod
Maar ja, wat is 'nog gekker'
als er zoiets bestaat als de Audi-Oh. Geen
vierwielaangedreven eenpersoons Duitse SUV, maar een
butterfly (een clitorisvibrator) die trilt in
de maat van de muziek van een aangesloten iPod. Met
terugwerkende kracht zijn alle parodieën als de
iBrator en iVibrator opeens voorspellingen geworden.
Als je weet dat zo'n ding bestaat kun je in de trein
nooit meer onbevangen naar meisjes met een iPod
kijken. Vooral als ze blosjes hebben.
Goh. Kun je er twee op
één iPod aansluiten?
Maar ik dwaal af.
Of eigenlijk maar een
beetje.
Laten we
teruggaan naar 1979, toen Sony de Walkman
introduceerde. Het succes van de eerste types kwam
voor een deel voort uit de dubbele
hoofdtelefoonaansluiting. Voor het eerst kon je muziek
letterlijk delen, zoals ik dat in de nachttrein tussen
Genève en Florence ooit deed met een blonde
atletische all American girl genaamd Heidi. Haar
Walkman was kapot, dus ik liet haar meeluisteren op de
mijne naar het Requiem van Mozart. Ik geloof
dat ze me maar een idioot vond, dus na de laatste
klanken trok ze onmiddellijk haar plugje uit mijn WM2;
ze was zich maar al te goed bewust van de intimiteit
van onze tijdelijke verbinding.
Iemand laten
delen in je muziek is heel intiem. Het is in een
nieuwe relatie altijd een bijzonder moment als je cd
voor cd laat horen welke nummers je mooi vindt en
waarom. Dat verklaart meteen waarom de iPod in korte
tijd de Walkman uit het collectieve geheugen heeft
gewist. Een iPod heeft de intimiteit van muziek naar
een hoger plan getild. Voortaan heb je niet
één bandje, of vooruit, een mápje
cd's bij je, maar je hele muziekcollectie en daarmee
een afbeelding van je hele leven. Maar wat een iPod
nog extra geeft is vooral de mogelijkheid die
intimiteit te delen. In een tijd waarin je relaties
aangaat, je seksleven laat analyseren en nieuw leven
baart met een tv-camera erbovenop blijkt de iPod aan
te sluiten op de tijdgeest.
En op een
vibrator.
Ik heb
inmiddels een halve Terabyte aan bestanden om te
delen, maar mijn overwegingen om mijn verzet tegen een
iPod op te geven zijn hebben een praktisch duwtje
nodig gehad. Op de site van ArsTechnica is
gedemonstreerd dat een iPod nano de val uit een
rijdende auto overleeft, zelfs als het achteropkomende
verkeer er dan overheen rijdt. Het is een prettig idee
dat ik na een val bij het skaten het bloed en de
gebroken tanden van mijn nano kan vegen.
'Jack Nouws,
anderhalve meter viel hij diep, zijn hart stond stil,
maar zijn nano liep.'