Op 28
januari 2005 heb ik een kruisje in mijn agenda gezet.
Op die dag is mijn verzet gebroken en ben ik
overgegaan op OS X. Terwijl ik in MacFan 50 nog
aankondigde dat ik pas zou overgaan wanneer X als een
snorrende luie kater mijn Mac zou
binnenwandelen.
Mijn verzet is
niet binnen een paar dagen gebroken. Zelfs niet binnen
een paar weken. Eerder maanden. Maar toen het eenmaal
zover was, bleek de overstap toch soepeler dan ik
gedacht had.
Met de
aanschaf van een tweedehands iBook (slechts 10 weken
oud, met AppleCare en voor bijna half geld) naast mijn
Pismo PowerBook, haalde ik een Paard van Troje binnen.
Bijna letterlijk. De harde schijf was gevuld met
privé-documenten van een of andere World
Christian Society, waaronder enkele gigabytes aan
gospels. Yuk. Maar ook voorzien van Office v.X. En OS
x 10.3.
De iBook was
bedoeld voor in de huiskamer. Surfen als het nodig is
en daarna uit het zicht. Spelen met de iBook, werken
met de Powerbook. In eerste instantie gooide ik X er
meteen af, maar af toe won mijn nieuwsgierigheid het
toch van mijn weerzin. En langzaam dwong de harde
werkelijkheid me naar X. Mijnpostbank.nl heeft X
nodig. De elektronische belastingaangifte heeft X
nodig. Windows Media Player 9 heeft X nodig (om de
Portugese zender Antene3 via internet te beluisteren).
De aangeschafte dvd-brander brandt alleen dvd's onder
X.
In de zomer
van 2004 begaf de interne HD van mijn PowerBook het.
Op de nieuwe zette ik meteen een partitie met X. En zo
ging ik eens experimenteren. Dat viel niet mee. Om te
beginnen bleef de helft van alle menu's en dialogen in
het Engels. Scrollen in Eudora gebeurde op
ongebruikelijke wijze. Gezeik met permissies. Printen
met mijn bejaarde HP laserprinter lukte niet en
Classic kreeg ik ook niet opgestart wegens 'could not
translate document to update'. Of zoiets. Tientallen
posts op nl.comp.sys.mac en vragen aan andere X-men
leverden niets op, zodat ik gefrustreerd terugging
naar OS 9.
Maar dat deed
- heel onverwacht - pijn. Nu herstart een Pismo onder
9 razendsnel, maar dat ik dat een keer of vier per dag
moest meemaken, begon me te irriteren. Vooral omdat ik
door elke crash van Netscape, de grootste boosdoener,
telkens documenten kwijtraakte. Aan de betonnen
stabiliteit van X raak je toch snel gewend, bleek nu.
En het is ook heel grappig dat je bookmarks en
mailboxen van browsers en e-mailprogramma's via
aliassen kunt delen met 9 en X. En dat je echte
multitasking hebt (tekstverwerken, surfen, e-mailen en
cd's branden tegelijkertijd). En dat mijn Pismo onder
X zelfs sneller opstartte. En dat ik mijn gecrashte
externe back-upschijf via X weer kon benaderen en de
bestanden op cd kon branden voordat hij klikkend en
ratelend voorgoed de geest gaf. En dat draadloos
internet sharen via de PowerBook eindelijk
probleemloos werkt. En dat OS X de gemankeerde
FireWire-poort van de Pismo beter benut.
2004 was in
veel opzichten een rampjaar voor mij, dus de
computerellende kon er ook wel bij. Een kapotte harde
schijf, een kapotte externe backup-schijf en een iBook
die een maandagmorgenmodelletje bleek, met een
batterij die niet wilde opladen, een trackpad dat met
de cursor jongleerde, een combodrive die vers gebrande
cd's weigerde uit te werpen en een scherm dat
streepte. Geen wonder dat de eigenaar, waarschijnlijk
een switcher, hem na tien weken weer verpatste en dan
wist hij nog niet eens wat er meer mis was.
In januari
2005 probeerde ik nogmaals de printer aan de praat te
krijgen. Volgens een behulpzame meedenker op
nl.comp.sys.mac kreeg je HP-drivers op cd meegeleverd.
Ik ging eens zoeken en inderdaad, op de tweede
Installatie-cd stonden ze. En ik zag daar nog meer
staan. Alle programma's die zich niet
geïnstalleerd hadden, zoals iMovie en iTunes en
die ik daarom maar gedownload had. En toen kon ik me
opeens herinneren dat er bij het installeren van X een
fout was opgetreden waarna de computer toch gewoon
opstartte. Dus dat mysterieuze 'Dutch.pkg' zou wel
eens...
En ja hoor, na
het handmatige installeren van de benodigde pakketjes
waren mijn menu's in het Nederlands. X hoefde opeens
niets meer te vertalen en Classic startte gewoon op.
De printer begon gezellig te snorren en ik kon aan de
slag. Op 28 januari 2005.
Is het nu
allemaal rozengeur en maneschijn tussen X en mij? Nee.
OS X is duidelijk door techneuten bedacht en niet door
kenners van de menselijke geest. Ik mis mijn
Apple-menu; Fruit Menu krijg ik niet aan de praat.
Sommige commando's staan onlogisch verspreid in de
menu's en de Finder is de Finder niet meer. Ik wilde
dat ik anti-alias helemaal kon uitzetten. Ik haat die
extensies, vooral het gezeur als ik ze wil veranderen.
Het gedoe met accounts zou ik liever ook kunnen
overslaan en het bestandsbeheer vind ik ingewikkelder
dan in OS 9. En natuurlijk is een 500 MHz PowerBook
met 8 MB V-RAM een beetje krap voor al dat gestuiter,
gedock, ge-genie en ge-anti-alias. Netscape en Word
zijn nog steeds de grote crashers.
Maar het
ergste vind ik dat ik me erop betrapte dat ik mijn
hele cd-collectie met iTunes aan het converteren ben
naar MP3. Het lijkt erop dat ik langzaam rijp gemaakt
word voor een iPod.