In de
loop van de geschiedenis hebben veel
gebruiksvoorwerpen een vorm gevonden die daarna nooit
meer is veranderd. Een goed in de hand liggende bijl,
die zo efficiënt mogelijk gebruik maakt van de
energie van elke slag, ziet er nagenoeg altijd
hetzelfde uit. Af en toe is het nodig een ontwerp aan
te passen.
De eerste
auto's waren paardloze koetsen, waarbij de passagiers
en bestuurder tegenover elkaar zaten. Het concept
automobiel als iets geheel nieuw te zien, in plaats
van een bestaand ontwerp aan te passen, bleek een
gouden greep.
Soms blijkt
een bestaand ontwerp eenvoudig te verbeteren. Zo
ontwierp James Dyson in de jaren negentienzeventig de
Ballbarrow, een kruiwagen met een bal in plaats van
een wiel. Hierdoor kon de kruiwagen niet meer
omkiepen, of zich vastrijden in de modder.
Een goed
ontwerp is tijdloos. Kijk maar naar het
Coca-Colaflesje. Naar het logo van Lucky Strike. De VW
Kever. Een willekeurige Gispenstoel. Een willekeurige
door Braakman ontworpen Pastoekast. De door Gerrit
Rietveld ontworpen huizen.
In een goed
ontwerp vallen dicteert niet alleen de functie de
vorm, zoals bij de hierboven genoemde bijl, maar
vinden we die vorm ook automatisch mooi. Zoals vrouwen
op atletische mannen vallen en mannen op vrouwen met
duidelijke rondingen.
Tijd om over
Apple te beginnen
Vallen in een
Mac vorm en functie samen? Mwah. Daar valt op af te
dingen. Gelukkig staat dat los van de Mac, van een pc
kun je je dat ook afvragen. Want hoe moet je je dat
voorstellen, het samenvallen van vorm en functie van
een computer? Is dat de originele iMac, misschien de
eerste computer die niet misstond in de huiskamer? Als
dat zo is, dan geldt ook voor de pc waar een
case-modder zich op uitgeleefd heeft. Wat past er
beter op de kamer van een nerd dan een plexiglazen
kast met verlichte ventilatoren, RAM-modules met
led-displays, bekabeling die oplicht onder UV-licht,
een gekleurd moederbord en een mini-monitor op de
voorkant?
Een iBook dan
misschien? Dat begint er inderdaad al meer op te
lijken. Een scherm, een toetsenbord, een trackpad,
klaar. Als je een iBook vergelijkt met andere laptops
is het een toonbeeld van eenvoud. Geen chroomrandjes,
geen spoilers, geen drukke verzameling poorten, geen
volgekliederde toetsen die high tech moeten
uitstralen. Gewoon een plat wit ding met afgeronde
hoeken, dat vier jaar na de introductie nog steeds
modern oogt.
Maar dan de
nieuwe iMac G5. Whoea. Zet dat eens naast een volledig
uitgetweakte ATX-kast. Wat een eenvoud. Wat een
simpelheid. Apple maakte noemde het zelf al in de
reclames: 'Hé, waar is de computer gebleven?'
Een computer hoef je namelijk helemaal niet te zien.
Die zit daar perfect, achter het scherm voor je neus.
Zonder knipperlichtjes. Een computer doet namelijk
heel erg goed wat hij moet doen, zonder
knipperlichtjes of chroomrandjes.
Apple trekt
zelf een lijn naar de iPod, ook al zo'n perfect
vormgegeven gebruiksvoorwerp (over de iPod mini heb ik
mijn twijfels) en dat is terecht. Zoals een perfect
symmetrisch gezicht met een paar lijnen is weer te
geven, zo kun je een iPod of een iMac met slechts een
paar pennenstreken onmiskenbaar herkenbaar
weergeven.
Een bijl, een
hamer, een Kever, een iMac, een iPod, een kind kan ze
neerzetten.
Probeer dat
maar eens met een Ferrari. Om over pc's maar te
zwijgen.