In de goede
oude tijd werd ik een keer aangesproken door een
jongeman die van plan was een boek te gaan schrijven.
Nu word ik daar wel eens vaker over aangesproken en
meestal is mijn reactie: niet doen, zonde van je tijd,
niemand leest nog, zich vervelende critici lusten
debutanten rauw, begin eerst maar eens met columns of
korte verhaaltjes, enzovoort. Wie dan nog steeds een
boek wil schrijven is uit het goede hout
gesneden.
Deze persoon was
vasthoudender en dat was een goed teken. Langzaam
kregen zijn verzoeken om adviezen echter een bepaalde
richting. Moest hij nu wel of niet onder pseudoniem
schrijven? Nu is de naam waaronder je publiceert pas
van belang op het moment dat je iets af hebt, maar ik
mag zelf ook graag eerst het dankwoord, het motto, de
hoofdstukindeling, de flaptekst en liefst ook nog de
juichende recensies bedenken voor ik een woord op
papier heb gezet.
Zijn probleem met
het al of niet onder pseudoniem schrijven had niet
zoveel met het scheppingsproces te maken als wel met
het onderwerp waaraan hij een roman wilde
besteden.
Microsoft.
Zomaar als
Mac-gebruiker onder je eigen naam een roman schrijven
waarin je Microsoft aanklaagt zou het einde van zijn
carrière betekenen, vreesde hij. De Mannen van
Redmond hebben hun klauwen immers ver uitgestrekt.
Onder het mom van gebruiksgemak en uitwisselbaarheid
hebben ze bijna alle besturingssystemen weggevaagd en
over de hele wereld vervangen door een egalitaire
cultuur van Windows. Geld, advocaten en vijandige
overnames hebben een marktaandeel van bijna honderd
procent bewerkstelligt. Universiteiten, het Rijk, het
MKB, het is allemaal Windows wat de klok slaat. De
eenzame Mac-gebruiker die deze monopoliepositie
aanklaagt kan het later natuurlijk allemaal vergeten.
Wie zijn mond opentrekt en gebruik maakt van zijn
vrijheid van meningsuiting zal stuiten op
P&O-afdelingen die je weigeren aan te nemen,
providers die het verdommen je website te hosten of
een mailbox voor je te installeren, banken die je niet
online laten bankieren en muzieksites die je niets
laten downloaden. Zijn computer wordt gepingd en zijn
bijdragen aan nieuwsgroepen geplonkt. Een beetje met
je Macje thuis pielen, vooruit, maar er luid voor
uitkomen en ook nog eens schreeuwend de wereld ervoor
te waarschuwen dat de Satan Steve Ballmer heet en zijn
discipelen geïnfiltreerd zijn in
vrijmetselaarsloges, old boys networks,
sociëteiten, jaarclubs en disputen? Dat betekent
een virtueel doodvonnis.
Afijn.
Toen wist ik dat het
met deze meneer qua boeken schrijven niets zou worden.
Schrijven doe je om veel redenen. Om een jeugdtrauma
te verwerken bijvoorbeeld. Om een oorlogsverleden
achter te kunnen laten bijvoorbeeld. Om meisjes of
jongens mee in bed te krijgen bijvoorbeeld. Om de
wereld te verbeteren bijvoorbeeld. Om je
exhibitionisme op een onschuldige manier uit te leven
bijvoorbeeld. Om een fantasiewereld mee tot leven te
brengen bijvoorbeeld. Om uit te leggen hoe een
combi-magnetron werkt bijvoorbeeld. En om je woede te
uiten. Bijvoorbeeld.
Wie bang is om onder
zijn eigen naam te schrijven moet ermee ophouden. Als
je je familieleden wilt beschermen, vooruit. Als je
het prettig vindt om je teksten die als psychiater
schrijft gescheiden te houden van het werk dat je als
dichter maakt, goed. Maar uit angst voor je
carrière onder een andere naam je woede uiten,
dat hoort dus niet.
Ik ben een man van
ironie, cynisme en sarcasme en erg veel idealen heb ik
niet. Ik geloof dat de mens van nature geneigd is tot
het gemakzuchtige, het luie en het slechte en iemand
is pas mijn vriend als hij of zij het tegendeel heeft
bewezen. Maar op een punt ben ik wel idealistisch. Ik
heb eens gelezen dat er geen boeken bestaan die de
wereld hebben veranderd. Dat geloof ik niet. Uncle
Tom's Cabin heeft de publieke opinie over slavernij in
de VS veranderd. De bijbel, de koran en de tora hebben
aardig huisgehouden in het wereldlandschap, letterlijk
en figuurlijk. Of ik het ooit voor elkaar krijg het
leven van ook maar een persoon te veranderen met een
boek (de slag van een vlindervleugel in China die in
Florida een orkaan veroorzaakt) weet ik niet, maar het
is waar ik tot het einde van mijn leven mee bezig zal
zijn. In een variatie op de talmoed: Wie
één mens verandert, verandert de hele
wereld.
Het is een
verantwoordelijke -- en de laatste tijd gevaarlijke --
opdracht geworden die je jezelf kunt geven. De pen is
machtiger dan het zwaard. De onderwijzers op mijn
lagere school troostten de pispaaltjes na het
speelkwartier met de troostende woorden 'Schelden doet
geen zeer.'
Niet waar. Schelden
doet zeer. Het kan niet zeer genoeg doen.